Over Josephine

Josephine, 1972

Al jong in mijn leven dacht ik over veel dingen na. In mijn puberteit nog meer toen een klasgenoot, de moeder van mijn oppaskindjes, een klein neefje en op mijn 20e mijn moeder overleden.

Inmiddels ben ik zelf moeder, stief- of bonusmoeder en zelfs oma. Was ik getrouwd en ben ik gescheiden. En in alle rollen en taken leer ik, steeds weer.

Het zoeken is gebleven. Voelen, vertalen en ermee werken mocht ik leren. Bij Phoenix opleidingen, bij het Expertisecentrum voor verlies, bij Margriet Wentink, en bij Jakob van Wielink die op dit moment ook mijn supervisor is, nadat ik de afgelopen jaren onder de hoede van Wibe Veenbaas mocht zijn.

Met Liefde voor mijn eigen verhaal kan ik nu aanwezig zijn bij de verhalen van anderen. Vaak met woorden en zeker ook door stil te luisteren.

Na een dienst drink ik koffie met de uitvaartverzorgster. Ze vertelt dat ze het een mooie ceremonie vond en vraagt zich af wat ik nou anders doe. Een mooie vraag.Het laat mij ook nadenken.

Een warm en persoonlijk afscheid is belangrijk, doet er toe. Als ik daarvoor word gevraagd neem ik mijn kennis en ervaring als rouwbegeleider mee. Ik kijk naar een familie door oog te hebben voor alle generaties en leg lijnen. Lijnen die vaak nog nooit gezien, laat staan benoemd zijn.

Het afscheid is voor mij een onderdeel van een veel groter geheel; van het leven waarin je omkijkt en verdergaat.

Voorbeelden zijn:begrijpen waarom je moeder zo deed, wat je vader bewoog. Zien waar jouw vragen liggen in je eigen vader- en moederschap. Het komt allemaal -soms ongemerkt- voorbij.

Het maakt dat er houvast is om verder te gaan. Dat is mijn missie, dat je verder kan. Want ik weet nog hoe moeilijk dat ooit was toen ik afscheid nam en er geen oog was voor meer dan het afscheid alleen.